Jongeren in Noordenveld vragen geen applaus, maar een serieuze plek aan tafel
Jongeren in Noordenveld vragen geen applaus, maar een serieuze plek aan tafel
Door Lianne Hamringa, kandidaat voor Lijst Groen Noordenveld
Het jongerendebat in Roden liet vooral één ding zien: jongeren in Noordenveld hebben allang door waar het schuurt. Zij weten heel goed wat er speelt rond wonen, werk, mentale gezondheid en leefbaarheid. En zij zijn er klaar mee om alleen onderwerp van beleid te zijn.
Hun boodschap was helder: praat met ons, niet over ons. Die boodschap klonk tijdens het debat niet als een losse oneliner, maar als een duidelijke correctie op hoe politiek te vaak werkt. Dat is terecht. Want beslissingen die nu worden genomen, raken jongeren direct. Of het nu gaat om betaalbare woningen, kansen op werk, onderwijs of plekken om elkaar te ontmoeten: het zijn geen abstracte thema’s. Het gaat over hun dagelijks leven en hun toekomst. In Roden werd dat scherp zichtbaar. Jongeren stelden vragen, reageerden op partijen en lieten zien dat zij niet afhaken, maar juist willen meedenken. Dan moet de politiek niet blijven zenden, maar gaan luisteren.
Voor LGN was dat geen verrassing. Wat daar gezegd werd, sluit aan op wat wij al langer zien en horen. Jongeren lopen in Noordenveld vast op een woningmarkt die voor velen simpelweg niet bereikbaar is.
Een betaalbare huurwoning of koopwoning vinden is voor veel jongeren op dit moment nauwelijks haalbaar. Het gevolg is bekend: zij moeten noodgedwongen langer thuis blijven wonen of vertrekken uit Noordenveld. Dat is niet alleen een persoonlijk probleem, maar ook een strategisch probleem voor de gemeente zelf. Want een gemeente die haar jongeren niet kan vasthouden, holt haar eigen toekomst uit. Daarmee kom je direct bij de kern.
Geen beleid op afstand Je kunt als politiek blijven praten over jongeren, maar als je niet met hen in gesprek gaat over wat zij nodig hebben, dan blijf je beleid maken op afstand. En beleid op afstand mist vaak de realiteit.
Juist jongeren hebben vaak al een scherp beeld van wat er ontbreekt. Niet alleen op het gebied van wonen, maar ook in hoe een dorp of wijk werkt. Welke woonvormen passen? Welke voorzieningen missen? Waar lopen zij in de praktijk tegenaan? Dat hoor je niet aan een vergadertafel zonder jongeren erbij. Dat hoor je alleen als je ze echt betrekt. Dat geldt net zo goed voor leefbaarheid. Tijdens de gesprekken met jongeren wordt al langer duidelijk dat behoefte niet alleen zit in stenen en woningen. Jongeren hebben ook behoefte aan plekken waar zij gewoon kunnen zijn. Een
pannakooi, een pumptrack, een laagdrempelige ontmoetingsplek, ruimte om elkaar te treffen zonder dat alles direct in regels, toezicht of procedures vastloopt. Dat lijkt misschien klein, maar dat is het niet. Dit gaat over sociale infrastructuur. Over voorkomen dat jongeren uit beeld raken. Over een gemeente die niet alleen huizen bouwt, maar ook gemeenschap serieus neemt.
En ja, soms vraagt dat ook om bestuurlijke lef. Niet elke goede oplossing past direct netjes binnen bestaande kaders. Soms moet je buiten de lijntjes durven kleuren om ruimte te maken voor wat wél werkt. Regels horen niet leidend te zijn als ze jongeren vooral op afstand houden. Regels moeten ondersteunend zijn aan wat nodig is. Dat vraagt geen vrijblijvendheid, maar volwassen afwegingen. Wat helpt hier echt? Wat verlaagt drempels? Wat maakt contact, ontmoeting en ontwikkeling mogelijk? Die drempels zijn nu vaak te hoog.
Voor veel jongeren is een fysieke ontmoetingsplek binnenlopen niet vanzelfsprekend. Dan kun je als gemeente wel zeggen dat het aanbod er is, maar daar koop je niets voor als jongeren die stap niet zetten. Dan moet je dus niet wachten tot zij zich aanpassen aan het systeem. Dan moet je kijken hoe het systeem toegankelijker wordt. Makkelijker. Nabijer. Minder formeel. Zodat jongeren elkaar en de gemeente ook echt weten te vinden. Tegelijk zit daar nog een tweede punt. Jongeren betrekken is nodig, maar het moet geen ritueel worden. Geen afvinklijstje. Geen verplichte exercitie waarbij jongeren even mogen aanschuiven en daarna weer verdwijnen uit beeld. Betrokkenheid werkt alleen als die serieus is. Dus niet luisteren voor de vorm, maar input ook echt vertalen naar keuzes. Geen schijnparticipatie, maar invloed die ergens landt. Anders prikken jongeren daar feilloos doorheen. En terecht.
Landelijke politie is ook lokaal. Sommige onderwerpen uit het debat raken ook aan landelijke politiek. Dat geldt bijvoorbeeld voor bredere woningmarktvraagstukken en kansenongelijkheid. Maar dat mag voor een gemeente nooit een excuus zijn om achterover te leunen. Juist lokaal kun je keuzes maken die verschil maken. In woonbeleid. In voorzieningen. In hoe je jongeren uitnodigt om mee te denken. In hoe serieus je hun positie neemt. Daar begint het. Dat is ook waar LGN voor staat.
Niet praten over inwoners alsof ze toeschouwer zijn van hun eigen gemeente. Maar hen betrekken bij beleid, plannen en besluiten die hen direct raken. Voor jongeren geldt dat misschien nog wel sterker. Want zij zijn niet alleen de toekomst van Noordenveld, zij zijn ook gewoon het heden. Hun stem hoort dus niet pas later mee te tellen, maar nu.
Duidelijk signaal Het jongerendebat in Roden was daarom geen aardig verkiezingsmomentje. Het was een duidelijk signaal. Jongeren vragen niet om mooie woorden. Ze vragen om serieuze betrokkenheid, betaalbare kansen en een gemeente die hen niet wegzet als doelgroep, maar erkent als gesprekspartner. LGN neemt dat signaal serieus. Niet omdat het goed klinkt, maar omdat het gewoon nodig is.
Lianne Hamringa Lijst Groen Noordenveld